Inhoudsopgave:

  1. Wat is de Nucleotidenvolgorde in de complementaire DNA streng?
  2. Welke nucleobasen vormen een paar?
  3. Welke vorm heeft een DNA molecuul?
  4. Waaruit bestaat een Nucleosoom?
  5. Waarom sequencing?

Wat is de Nucleotidenvolgorde in de complementaire DNA streng?

De beide strengen zijn complementair doordat de basen alleen als de basenparen A=T en G≡C kunnen voorkomen. A en T worden door twee waterstofbruggen met elkaar verbonden, G en C door drie waterstofbruggen. De volgorde van nucleotiden in een streng wordt een sequentie genoemd.

Welke nucleobasen vormen een paar?

Adenine vormt met thymine een paar, gebonden door twee waterstofbruggen. Cytosine en guanine vormen een paar, gebonden door drie waterstofbruggen.

Welke vorm heeft een DNA molecuul?

Je ziet een stuk DNA op het plaatje hieronder. Het heeft de vorm van een dubbele helix, en bestaat uit nucleotiden. Een nucleotide bevat onder andere een nucleïnebase. Er zijn 4 verschillende soorten: adenine (A), thymine (T), guanine (G) en cytosine (C).

Waaruit bestaat een Nucleosoom?

Een nucleosoom bestaat uit een segment van DNA gewikkeld rond een kern van 2 x 4 verschillende histonen. Nucleosoom = Een nucleosoom is een complex van DNA en histonen dat de genexpressie regelt.

Waarom sequencing?

Met sequencen kan naar één bepaald gen of naar een aantal genen ('genpanel') gekeken worden. Maar soms wordt naar aandoeningen gezocht waarvan nog niet zo veel bekend is. Of er is niet duidelijk in welk gen het probleem zit. Eerst gebeurde het sequencen altijd gen voor gen.