Inhoudsopgave:

  1. Wat moet je antwoorden op openingszinnen?
  2. Zou ik wat in je mond mogen fluisteren?
  3. Is je vader een bakker Want?
  4. Is het de of het magazijn jij mag er zijn?
  5. Wat is een slechte openingszin?
  6. Hoe word ik meer ad rem?

Wat moet je antwoorden op openingszinnen?

Bij veel openingszinnen kun je natuurlijk ook gevatte leuke reacties geven om de aanspreker van dezelfde repliek te dienen.
  • Je vader moet wel een dief zijn, je bent om te stelen. >> Je bent ook om te stelen; alleen de dief is nog niet gevonden.
  • Ken ik jou niet ergens van? ...
  • Deed het zeer toen je uit de hemel kwam vallen?

Zou ik wat in je mond mogen fluisteren?

Zou ik wat in je mond mogen fluisteren?” “Ga je mee naar buiten…

Is je vader een bakker Want?

Is je vader bakker? want je hebt wel 2 hele lekkere kadetjes. Is jouw vader brandweerman want jij bent hot.

Is het de of het magazijn jij mag er zijn?

Bij het woord magazijn (niet te verwarren met magazine) is maar 1 juist lidwoord, dat is 'het'.

Wat is een slechte openingszin?

Deze slechte openingszinnen zijn het allerergst. 1. Je vader is een dief. Hij heeft alle sterren van de hemel gestolen en ze in jouw ogen gestopt.

Hoe word ik meer ad rem?

Betekenis en definitie
  1. komt direct, onmiddellijk, meteen en spontaan met een antwoord, opmerking of weerwoord.
  2. staat zelden met de mond vol tanden en heeft altijd zijn woordje klaar.
  3. heeft meteen een snedig en gevat antwoord dat ertoe doet.